Soms lukt het niet om tot een minnelijke regeling te komen met je schuldeisers. In dat geval kun je naar de rechter stappen en vragen om een wettelijke schuldsanering volgens de Wet Schuldsanering Natuurlijke Personen (WSNP). Een belangrijk verschil met het minnelijk traject is dat schuldeisers verplicht zijn om mee te werken aan het wettelijk traject. Bij een minnelijk akkoord werken de schuldeisers vrijwillig mee.
Voor een WSNP aanvraag is het noodzakelijk dat je een verzoekschrift indient bij de rechtbank. Hierbij kan de schuldhulpverlener je helpen. Ook is het noodzakelijk dat de schuldhulpverlener een “Verklaring artikel 285 Faillissementswet” opstelt voor de rechtbank. In deze verklaring wordt verklaard dat en waarom er geen minnelijke regeling mogelijk is. Om in aanmerking te komen voor de WSNP moet er namelijk in principe altijd een poging zijn gedaan om tot een minnelijk akkoord te komen. De rechtbank bepaalt of je in aanmerking komt voor de WSNP, waarbij zij de vrijheid heeft om alle feiten en omstandigheden die van belang zijn mee te wegen. Geen enkele schuldhulpverlener kan dus van tevoren met zekerheid zeggen of iemand zal worden toegelaten of niet, hij kan slechts de kansen aangeven.
De belangrijkste voorwaarden waaraan je moet voldoen om toegelaten te worden tot de WSNP zijn:
- er is geen minnelijke regeling bereikt.
- je bent te goeder trouw geweest bij het ontstaan van de schulden. Te goeder trouw is een ingewikkeld juridisch begrip maar wil kortweg zeggen dat je zuiver en eerlijk gehandeld hebt bij het aangaan van de schuld. Stel je hebt een lening afgesloten en je hebt daarbij de inkomstengegevens van iemand anders gebruikt. Je bent dan niet te goeder trouw geweest bij het aangaan van de lening. Ook een boete kan een probleem zijn.
- je hebt de afgelopen vijf jaar geen fraude gepleegd.
- je kunt niet meer aflossen op je schulden.
- de verwachting is dat je je schuldeisers niet zal benadelen.
- je hebt de afgelopen tien jaar geen wettelijke schuldsaneringen of faillissementen doorlopen. Wanneer de rechter bepaalt dat je in aanmerking komt voor de WSNP, dan ben je niet in één keer van je schulden af.
Een wettelijke schuldsanering is een moeilijke weg. Je krijgt een bewindvoerder toegewezen die je post openmaakt en eventueel waardevolle spullen verkoopt. De bewindvoerder let er ook goed op dat je je aan de regels van de WSNP houdt. Een rechter-commissaris zal toezicht houden zowel op jou, als op de bewindvoerder.
De WSNP duurt onder normale omstandigheden drie jaar. Drie jaar lang moet je rondkomen van een zeer laag inkomen, namelijk een bedrag van rond het sociaal minimum, het Vrij Te Laten Bedrag (VTLB). Dit kan zelfs iets minder zijn wanneer je alleen een uitkering hebt en niet werkt voor je inkomen. De inkomsten die dan overblijven zullen drie jaar lang worden gespaard op een boedelrekening. Na drie jaar worden van het gespaarde geld de schuldeisers betaald. Indien je je gedurende de gehele looptijd van de WSNP aan alle regels hebt gehouden, ben je na drie jaar van al je schulden af, ongeacht hoeveel je daadwerkelijk hebt afbetaald.
Als je je tijdens de WSNP niet aan de regels houdt, zal de WSNP eerder worden beëindigd. Je zult nog tot maximaal twintig jaar verantwoordelijk blijven voor je schulden zonder dat deze dus zullen worden kwijtgescholden. Je zal dan failliet worden verklaard en komt gedurende tien jaar niet meer in aanmerking voor de WSNP.

